Tag Archives: Wimmenummerduinen

Plantenwerkgroep, excursie Wimmenummerduinen 22 juni 2019

Deelnemers: Corrie Geerds, Henk Snel, Heleen Strikkers, Bert Siebrand, Ellen van Knippenberg, Thea Wezenberg, Niels Jeurink en Cor Nagelmaeker.

Het programma vermeldde deze dag een expeditie naar een, van horen zeggen, bijzonder en afwisselend duingebied ten noorden van Egmond. Met de naam Nimmerdrummer….., Nummerdimmer….. eh Wimmenummerduinen. Man, wat een naam! Je hoeft het niet tienmaal achter elkaar te zeggen om in een dyslectische kramp te schieten. Om half negen zette ons gezelschap koers richting Het Noordhollands Duinreservaat met daarin gelegen de Wimmenummerduinen, een gebied dat in de volksmond bekend staat als ‘De Duinen van Six’, de vroegere naam. Na ongeveer anderhalf uur verlieten we de snelweg ter hoogte van het stadion van ‘retteketet AZ’. Om ons, via steeds pittoresker wordende weggetjes, naar het reisdoel te slalommen.

Aangekomen in Bergen-Binnen zegen we neer op het terras van etablissement ‘Loetje’, waar we ons verlustigden aan de traditionele koffie met appelgebak, met een formaat dat deed vermoeden dat er bij ieder van ons een hele appel in zat verstopt. Onderwijl werden we gegrepen door het gezellige dorpsgezicht en door Thea die een klapdeur iets te snel dichtsloeg. Een bebloede teen ten gevolge hebbend.

Desondanks gingen we hierna welgemoed op pad naar de Duinen van Six.

Jan Six

Deze duinen waren tot voor dertig jaar eeuwenlang in het bezit van de bekende Amsterdamse regentenfamilie Six. Rembrandt schilderde een van de vertegenwoordigers van dit geslacht: Jan Six. Deze Jan Six (1618-1700) was een vermogend kunsthandelaar en tevens vriend en beschermer van Rembrandt. Zijn schilderij is nog steeds in het bezit van de familie Six. Saillant detail dat niet onvermeld mag blijven is dat een hedendaagse nazaat van de Six-familie, niet geheel en al toevallig ook Jan Six genaamd, kunsthistoricus en kunsthandelaar, de afgelopen jaren twee tot dan toe onbekende Rembrandts heeft ontdekt.

Al op de parkeerplaats ging het traditiegetrouw helemaal los. We vonden er o.a. guichelheil, bekend als het ‘geneesmiddel der gekken’. Het plantje werd vroeger gebruikt als geneesmiddel tegen razernij (guichel). Het heeft inderdaad een geneeskrachtige werking: tegen nierstenen, geelzucht en ook krankzinnigheid! Maar bij al te kwistig gebruik leidt het tot de dood. We leerden verder van Niels dat in Zuid-Europa een blauw bloeiende soort voorkomt. Zie je echter een blauwe in ons land dan is het tóch de rode (!?). Om gek van te worden. Maar daar is dus een geneesmiddel tegen.

Guichelheil

Ook nog op de parkeerplaats noteerden we: slangenkruid, muurpeper, duindoorn, zuurbes, dauwbraam, allemaal planten die in dit duinbiotoop thuishoren. Na het afstruinen van de parkeerplaats, de teller stond al op bijna 100 soorten, kochten we bij de automaat naast de ingang een entreekaart en liepen vervolgens een mooi duinbos binnen. Het was een gemengd bos waar we vleugeltjesbloem, gewone agrimonie, asperge, veldhondstong aantroffen.

Wat ons opviel was dat we weinig publiek tegenkwamen, op wat wandelaars en fietsers na. Amusant was de ons passerende moeder, die haar fietsende (zwalkende) dochtertje cryptisch toeriep: “Wel op de kant, maar niet op de rand”. Het klonk als betrof het hier een goede raad aan een lid van een met integriteit worstelende partij, toch vooral het rechte pad te blijven ‘befietsen’.

We vervolgden onze weg door het bos en kwamen na een wijle in een fraai, open en heuvelachtig duinlandschap, waardoor zich enige zandwegen slingerden. Met hier en daar bosschages, afgewisseld met duindoorn- en kruipwilgstruweel.

We noteerden gaandeweg vele tientallen plantensoorten o.a. duinroos, duinwespenorchis, mannetjesereprijs, ossentong, duinviooltje en glad walstro. Opvallende schimmels, want fel oranje, vonden we op de duinroos.

Het moeilijke van die overvloed aan soorten is, dat vele er tal van familieleden op na blijken te houden. Zo ontstond er verwarring over de ratelaars. De een meende een kleine ratelaar ontwaard te hebben, terwijl een ander toch echt de grote had gezien. Dan prijs je je gelukkig een plantenspecialist als Niels in je midden te weten, die verkondigde: “Ook de grote ratelaar is klein geweest”. Kijk, dat helpt een beginnend florist verder!

Aan de rand van de vlakte, in de schaduw van de dennenbomen vonden we een plek om de lunch te gebruiken. Zo te merken was het appelgebak geland. Al zittend ervaar je terstond weer andere dingen. Zo ontdekten we op het zandpad een soort mierenleeuw die druk bezig was een rups te verslepen.

Ook zagen we vlinders als zandoogje, bonte bessenvlinder, kleine parelmoervlinder en heel veel distelvlinders.

Voorts ging het weldra weer. Over zandige paden door bosachtig terrein, dan weer door meer open biotopen. Het aantal plantensoorten liep alras op: grote teunisbloem, brede stekelvaren, mannetjesvaren, blauw glidkruid en de welriekende of duinsalomonszegel. Opvallend waren de grillig gevormde dennenbomen, die een haast spookachtig ‘Dali-achtig’ decor vormden. Op een ervan zagen we prachtige zwammen, die hoe fraai ook, het onvermijdelijke verscheiden van de betreffende boom aankondigden.

Even verderop beklommen we, via een lange trap, een hoog duin waar we een prachtig uitzicht hadden over het reservaat. We waren het erover eens dat het goed is dat dit gebied (20 km lang!) een beschermde status heeft en er goed op wordt gepast. Geïllustreerd door het feit dat we deze dag twee keer een bewaker zijn tegengekomen.

We vonden deze dag ook een aantal fraaie rupsen waaronder die van de kuifvlinder. Laatst genoemde hadden zich te goed gedaan aan een statige koningskaars en er hoegenaamd niets van overgelaten.

rups Kuifvlinder

Het zal een uur of vijf zijn geweest dat onze route afboog in zuidelijke richting teneinde de terugtocht te aanvaarden. Door laag begroeide duinen liepen we richting zee. Hier waren we in een biotoop met zandblauwtje, kruipend stalkruid en struikhei. Planten die goed de droogte kunnen verdragen. Langs de weg stonden o.a. zandteunisbloem, stalkaars, zwarte toorts en koningskaars, En ook vlak bij elkaar groeiend grote en kleine zeekool. Maar zeer bijzonder was de vondst van zowel de prachtige nachtsilene, oorsilene, blaassilene én kegelsilene op een klein stukje grond in de berm.

Tegen zessen bereikten we een kerkje midden in het duin: Bergen aan Zee! En tegen 19.00 uur besloten we wat te gaan eten in een van de visrestaurantjes die Bergen aan Zee rijk is. De keuze was beperkt: kibbeling met patat ging het worden, voor allemaal. Omdat vis gezond heet te zijn, namen we de patat op de koop toe. Na de maaltijd kwamen we tot de conclusie dat naast de drie (gezond!) vette vissoorten haring, zalm en makreel, ons restaurant er zowaar kans toe had gezien, kennelijk verleid door het motto: ‘the vetter, the better’, er een vierde (modder)vette aan toe te voegen: de kabeljauw. Dat ook onze patat niet aan het vetbad was ontsnapt, laat zich gemakkelijk raden. Dank! Na dit ‘diner’ overleefd te hebben, begonnen we aan de strandwandeling die ons weer dicht bij Egmond aan Zee zou brengen. Thea raakte al pootje badend een slipper (what’s in the name) kwijt, die tot haar grote opluchting zo’n 20 meter verderop weer aanslibde. Zo werd haar al eerder gememoreerde en gekwetste teen verder leed bespaard.

De doorsteek door de duinen (Burgemeesterspaadje), richting parkeerplaats, werd door het mulle zand een zware. Wel werden we verblijd met het vrolijke gekwetter van een pieper. Die had zich genesteld op een paaltje, om van daar uit korte vluchtjes, als was het een leeuwerik, te ondernemen. Planten die we hier zagen waren o.a. zeewolfsmelk en stekend loogkruid

Ondanks dat we landschappelijk gezien al een heel gevarieerde dag hadden beleefd, troffen we na deze doorsteek weer een geheel ander biotoop aan. Hier was het nat. Rond de duinmeertjes (Lakemansvlak) konden we een drietal orchideeënsoorten noteren: vleeskleurige-, gevlekte riet- en rietorchis. Verder ook nog veel knopbies, slanke waterbies, drienervige zegge, walstrobremraap, rode waterereprijs en verrassend veel andere soorten planten. Tegen half tien, de zon was inmiddels in de Noordzee gezakt, de nachtsilenes waren opengebarsten, bereikten we onze automobielen en konden we huiswaarts keren. Op de soortenlijst stonden 284 soorten! Om stil van te worden.

Stil was het bij de oplaadplek voor onze elektrische auto, vlak benoorden Amsterdam, echter geenszins. De om voedsel bedelende jonge ransuilen overstemden voortdurend het geluid van het voortrazende verkeer en het geklok van onze Amstelbiertjes. Tegen 01.00 uur arriveerden we in Kampen. Te laat voor het full-color festival. Maar wij hadden het onze al gehad . . . . . . . . in ‘de duinen van Six’!

Rest ons vanaf deze plek onze welgemeende dank uit te spreken aan de heren Jeurink en Heukels voor een even prachtige als interessante dag, die als heel leerzaam werd ervaren!

Tekst en foto’s Cor Nagelmaeker

Collage: Heleen Strikkers

Plantenwerkgroep – excursieprogramma 2019

Het excursieprogramma 2019 van de plantenwerkgroep is klaar! We hebben weer ons best gedaan er een mooie mix van te maken van excursies dichtbij en verder weg. Excursies met veel variatie in landschappen en dus hopelijk veel verschillende plantensoorten. Oordeel zelf of dat is gelukt. Ik hoop jullie komend jaar weer vaak te zien!

Niels Jeurink

Zalkerbos – zaterdagochtend 27 april 2019

Het eerste excursiedoel van de plantenwerkgroep is traditioneel het Zalkerbos óf Scherenwelle. Het is voor een plantenliefhebber moeilijk kiezen tussen die twee prachtige gebieden. Daarom wisselen we het af; en dit jaar is het Zalkerbos weer aan de beurt. Dit zeer oude bosgebied wordt door deskundigen het meest bijzondere ‘hardhoutooibos’ van Nederland genoemd. Dat is een bos in de uiterwaarden waar langzaam groeiende boomsoorten als eiken en iepen domineren en waarin verder ook veel gewone es voorkomt. Bossen met een heel rijke ondergroei, die heel vroeg in het jaar bloeit omdat er dan nog veel licht op de bodem terecht komt.

Eind april staan in het Zalkerbos allerlei bolgewasjes in bloei, met het blauwe druifje als een van de meest opvallende. Andere bijzondere plantensoorten die je er kunt tegenkomen zijn slangelook en moeslook, beiden familie van de uit de moestuin bekende bieslook, maar ook van prei, ui en knoflook. En een reeks andere soorten, waarvan we in elk geval de vingerhelmbloem, gulden boterbloem en schaafstro zullen zien.

We vertrekken om 9.30 uur per auto van het Meeuwenplein in Kampen. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl.

Meer lezen: http://natuurverenigingijsseldelta.nl/?p=2883

Witte gebieden – woensdagavond 22 mei 2019

Witte gebieden zijn gebieden waar het lastig is om voldoende floragegevens te verzamelen. Bijvoorbeeld doordat het gebied lastig bereikbaar is of omdat er weinig floristen in de buurt wonen. De Noordoostpolder is zo’n gebied. Floron, de stichting Floristisch Onderzoek Nederland, selecteert daar en in andere witte gebieden elk jaar ‘uurhokken’ van 5×5 km die dan door een plantenwerkgroep gereserveerd kunnen worden. Onze plantenwerkgroep neemt elk jaar zo’n uurhok voor haar rekening. Dit jaar willen we het gebied tussen Kuinre en Blankenham gaan bekijken. Dat gebied ligt op de grens van de Noordoostpolder en het ‘oude land’, dus daar waar ooit de kust van de Zuiderzee lag. Je ziet er soorten die op kwel wijzen van de hogere gronden naar de polder. En soorten die je meer in de duinen verwacht, bijvoorbeeld in de bermen van de Uiterdijkweg waar de wegberm is afgegraven tot op het onderliggende kalkrijke zand. Geelhartje vind/ vond je hier bijvoorbeeld massaal, net als sommige soorten orchideeën. Tot dusverre werden er 235 verschillende soorten gezien. Eens zien waar we dit jaar op uit kunnen komen.

We verzamelen om 19.00 uur op het Meeuwenplein in Kampen. Vandaar gaan we per auto naar het gebied. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl.

Meer lezen:  Uiterdijkenweg

Zuid-Limburg – zaterdag 25 mei 2019

Er zijn van die gebieden in Nederland die op plantenliefhebbers een magische aantrekkingskracht hebben. Zuid-Limburg is een van die gebieden. Er is voor de florist zó veel te zien dat het je haast gaat duizelen. Het beekdal van de Geul, het Maasdal, de hellingbossen, kalkgraslanden, onkruidakkers, te veel om op te noemen. Dat alles is veel te veel voor één dag, zodat we moeten kiezen. Vandaag gaan we een bezoek brengen aan de Sint Pietersberg. Niet het hoogste punt maar zeker voor Nederlandse begrippen een markante heuvel. Deels afgegraven voor de winning van mergel (kalk) maar gelukkig is dat nu bijna gestopt en is van de berg nog veel over gebleven. Het hele gebied is tegenwoordig in eigendom/ beheer van Natuurmonumenten. Het is een voor alle natuurliefhebbers bijzonder gebied. Maar zeker voor de plantenliefhebber zijn er heel veel verschillende plantensoorten te vinden, waaronder talloze grote zeldzaamheden. Van orchideeën tot zonneroosjes, soorten van hellingbossen, je vindt ze er allemaal.

We vertrekken bijtijds, om 7.30 uur per auto van het Meeuwenplein in Kampen. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl. De excursie duurt de hele dag.

Meer lezen: https://www.natuurmonumenten.nl/natuurgebieden/sint-pietersberg

 

Alde Feanen – zaterdag 1 juni 2019

Het Friese laagveengebied de ‘Alde Feanen’ (Oude Venen) bij Eernewoude (Earnewald) is een van de grote natuurgebieden in het laagveengebied die Nederland rijk is. Laagveen is veen dat onder invloed staat van het grondwater, meestal wordt dat gevoed door het water uit sloten. De laagveengebieden maken Nederland in Europees opzicht heel bijzonder; vrijwel nergens anders in Europa heb je namelijk zulke uitgestrekte veengebieden als in Nederland. Sinds 2006 is de Alde Feanen dan ook terecht een nationaal park geworden. Er is veel afwisseling in het gebied, met moerasbos, veel open water met een rijke oevervegetatie en ook bloemrijke hooilanden. Voor de plantenliefhebber is er dus van alles te zien en te beleven. Vandaag gaan we er dan ook eens een kijkje nemen met de plantenwerkgroep.

We vertrekken om 9.00 uur per auto van het Meeuwenplein in Kampen. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl. De excursie duurt de hele dag.

Meer lezen: https://www.np-aldefeanen.nl/

Koekoekspolder, rand Mastenbroek – woensdagavond 5 juni 2019

De Koekoekspolder kennen we als het glastuinbouwgebied bij IJsselmuiden. Minder bekend is dat dit de diepst gelegen polder is van Overijssel en dat dit gebied daardoor ooit zo moeilijk droog was te malen dat het nog lang een moerassig gebied en meer is geweest. De strakke verkaveling, het intensieve gebruik en de lage grondwaterstand maken dat er tegenwoordig botanisch niet meer zo heel veel te beleven valt. Maar er zijn uitzonderingen. Vanavond willen we gaan kijken bij de overgang van de Koekoekspolder naar de wat hoger gelegen polder Mastenbroek, de oudste polder van Nederland, uit de 14-de eeuw.

We verzamelen om 19.00 uur op het Meeuwenplein in Kampen. Vandaar gaan we per auto naar de hoek Hagedoornweg / Bisschopswetering. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl.

Meer lezen: http://natuurverenigingijsseldelta.nl/?p=832

Reevediep – woensdagavond 19 juni 2019

Het Reevediep, de waterverbinding tussen de IJssel en het Drontermeer ten zuiden van Kampen, is inmiddels vrijwel ingericht. Het gedeelte buiten de vaargeul heeft een natuurbestemming gekregen en dat betekent dat we er soorten van zowel het rivierengebied als van het laagveengebied kunnen verwachten. Tijd om er ook eens met de plantenwerkgroep te gaan kijken.

We verzamelen om 19.00 uur op het Meeuwenplein in Kampen. Vandaar gaan we per auto naar de Noordwendigedijk, zodat we veel tijd hebben in het gebied tot het donker wordt. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl.

Meer lezen: http://www.ruimtevoorderivierijsseldelta.nl/nl/natuur/

Wimmenummerduinen – zaterdag 22 juni 2019


De duinen bieden de plantenliefhebber veel moois. Er is heel veel variatie door grote verschillen in kalkrijkdom van de bodem, vocht en bezonning. Er zijn droge duinen en natte duinvalleien, en het kalkgehalte verschilt er sterk (hoog in het gebied tussen pakweg Hoek van Holland en Bergen aan Zee). En gaande van het strand landinwaarts neemt ook de invloed van het zout steeds af. Al die variatie maakt dat de flora er heel rijk aan soorten is. Gelukkig zijn grote delen van de duinen goed beschermd waardoor de grote recreatiedruk in het gebied er toch behoorlijk goed samengaat met natuur.

Vandaag bezoeken we een bijzonder duingebied bij Egmond dat eeuwenlang, tot begin jaren ’90, in bezit was van de Amsterdamse regentenfamilie Six, en dus ook ‘de duinen van Six’ werd genoemd. Sindsdien is het Provinciale Waterleidingbedrijf Noord-Holland (PWN) eigenaar van het gebied, en maakt het deel uit van het Noord-Hollands Duinreservaat. Bijzonder in het gebied zijn onder meer de oude volkstuintjes, stukjes duin die tot iets boven het grondwater werden uitgegraven en waar groenten werden verbouwd. Het landschap wordt er ook wel het ‘zeedorpenlandschap’ genoemd. De flora is er heel bijzonder. Je vindt er -bijvoorbeeld- diverse soorten bremrapen, parasitaire planten zonder bladgroen.

We vertrekken om 8.30 uur per auto van het Meeuwenplein in Kampen. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl. De excursie duurt de hele dag.

Meer lezen: https://duinenenmensen.nl/wp-content/uploads/2014/05/Ten-noorden-van-Egmond-Wimmenummerduinen.pdf

Hunze – zaterdag 24 augustus 2019

De Hunze is een oud riviertje dat oostelijk van de Drentse Hondsrug stroomt. Het voert het water van gebieden als het Bargerveen af in noordelijke richting. Uiteindelijk komt dit water in de Dollard, het water tussen Delfzijl en het Duitse Emden waar ook de Eems in uitmondt. De Hunze onderging hetzelfde lot als heel veel andere beken: de beek werd rechtgetrokken (‘gekanaliseerd’) en de waterkwaliteit verslechterde, bijvoorbeeld door lozingen van afvalwater van de aardappelmeelfabrieken. Die zijn nu gelukkig al lang verleden tijd. In een groot project van diverse overheden zijn inmiddels enkele van de vroegere meanders hersteld en heeft een deel van het gebied weer een natuurbestemming gekregen. We zijn nieuwsgierig welke planten hier te vinden zijn. Alle reden om er eens een bezoek te brengen.

We vertrekken om 9.00 uur per auto van het Meeuwenplein in Kampen. Geef je even op bij Niels Jeurink, tel. 038-3328741, of e-mail: njeurink@home.nl. De excursie duurt de hele dag.

Meer lezen: https://www.prolander.nl/projecten/projecten-drenthe/gebiedsontwikkeling/