Plantenwerkgroep: excursie naar De Duursche Waarden 12 september 2020

Deelnemers:  Toos Lodder, Gonny Sleurink, Henk Snel, Bert Siebrand, Niels Jeurink, Ellen van Knippenberg

Vandaag gaan we, ondanks de wereldwijd ronddolende coronamonsters, op pad naar De Duursche Waarden. Een gebied tussen Wijhe en Olst in de uiterwaarden van de IJssel.

Uiteraard rekening houdend met de regels van de RIVM. Mondkapjes op in de auto en vooral 1,5 meter afstand houden tijdens de wandeling. Dit laatste valt nog niet mee. Gelukkig zijn we in de buitenlucht en helpen we elkaar steeds herinneren aan de regels.

We starten bij het infocentrum IJssel Den Nul met een lekker bakje koffie en een nog lekkerder stuk  gebak. We staan zo te popelen om weer eens op pad te gaan dat we het terras verlaten zonder te betalen. Oeps, snel weer terug naar de kassa.

We betreden het gebied via een speciale “drijfbrug” op eigen risico. De brug ligt over een afgesloten zijarm van de IJssel, genaamd Lange Kolk.

In 1989 werd de Duursche Waarden, grotendeels in beheer bij Staatsbosbeheer, de eerste uiterwaard in ons land waar een aanzet werd gemaakt om het oorspronkelijke rivierenlandschap met een meanderende rivier, nevengeulen, uitgestrekte ooibossen en moerassen, terug te brengen. Plan Ooievaar.

We gaan vandaag kijken of dit is gelukt.

We klimmen over de winterdijk en kijken uit over weidse uiterwaarden. Weilanden met reuze koeienvlaaien en de bijbehorende eigenaressen, roodgekleurde hagen van meidoorn met een overvloed aan bessen en op de achtergrond ooibossen en de rivier de IJssel. De stevige wind maakt het heerlijke buitengevoel compleet.

Henk wijst ons op een koninginnenpage, wiens accu door de wind is leeggeraakt. Stil zit zij in het gras waar we haar kunnen bewonderen. Echt een zeldzaam moment voor een prachtige foto. De waardplant van de koninginnenpage is de wilde peen en die komt hier veel voor.

We zijn amper een uur op pad en er zijn al bijna 100 soorten planten genoteerd, veel algemene soorten maar ook handjesgras en ruige weegbree.  Niels loopt te neuriën.

Na het doorkruisen van het ruige weidegebied komen we aan de rand van een zachthoutooibos met de kenmerkende, snelgroeiende bomen, zoals katwilg, schietwilg (versierd met hop),ratelpopulier en canadapopulier. Later op de dag komen we ook nog boswilg, grauwe wilg en zwarte populier tegen.

Ooi is een oud woord voor een laag gelegen gebied bij een rivier. Veel bomen staan hier met de voeten in het water. Het water van de IJssel kan hier zijn gang weer gaan en zorgt voor een prachtig moerasgebied.

Op het pad, de Barloseweg, vertrappen wij bijna de enorme rups van een wilgenhoutvlinder. Hij is zeker 10 cm lang.  Niels brengt hem snel in veiligheid.

We lopen door het bos richting Fortmonderweg. Hieraan ligt links een prachtig open gebied. In deze maand zijn de meeste planten helaas al uitgebloeid, maar in de zomer moet dit een geweldig mooi kleurrijk geheel zijn van bloeiende grote kattenstaart, grote kaardenbol, knoopkruid en goudgele honingklaver. Voordat we de brug overgaan lopen we even naar de oever van de nevengeul , welke in verbinding staat met de IJssel. Hier vinden we weer een heel andere biotoop met o.a. grote wederik, wilde bertram, klein vlooienkruid, rode waterereprijs en slanke waterweegbree.

We worden nog getrakteerd op een overvliegende zeearend.

Over de brug gelopen komen we langs een klein groepje woningen. Wat een voorrecht om in dit  mooie gebied te wonen. In de berm nog wat leuke vondsten: bermooievaarsbek (die weet zijn plaats), muurleeuwenbek en echt bitterkruid. We duiken na een aantal meter weer naar rechts het gebied in richting steenfabriek Fortmond. Na gewone agrimonie en kleine bevernel wordt de picknicktafel aldaar door ons in gebruik genomen voor ons lunchmoment.

De restanten van de steenfabriek met zijn enorme schoorsteen is een fotogeniek geheel. Prachtig dat dit bewaard is gebleven. Voor de vele vleermuizen, waaronder de zeldzame gewone grootoor,  zijn de dichtgemetselde ringovens een veilige plek en ook andere dieren kunnen bij hoogwater hier de pootjes drooghouden. In het topje van de schoorsteen zit een slechtvalk rustig de omgeving op te nemen. De hoge uitkijktoren naast de fabriek biedt ook aan ons die mogelijkheid, al is deze toren wel ietsje minder hoog. Bij het pad langs de ovens van de steenfabriek vinden we naast rode ogentroost ook de zeldzame karwijvarkenskervel. Mooie vondst

We vervolgen onze wandeling stroomafwaarts langs de oever van de IJssel. We worden heel hartelijk welkom geheten door een groepje pony’s, de dagelijkse natuurbeheerders. Hun manen en staarten zitten vol met klitten van de kruisdistels. Met hun staarten kunnen ze zo geen insecten meer verjagen van hun lijf. Sneu voor ze.

Langs de oever vinden we o.a.  een bloeiende aster, sikkelklaver, heelblaadjes, slijkgroen, poelruit, wolfspoot, late stekelnoot en grote zandkool. Bij een hap uit de oever staan in het water nog wat stukken van oude steigerpalen en liggen er veel misbaksels van de steenfabriek.

Na een tijdje lopen we vanaf de oever meer landinwaarts langs o.a. de zeldzame soort kleine ruit en door veel, heel veel kruisdistels tot de Scherpenzeelse Hank met een brede drassige oever.  Hier weer totaal andere planten: watermunt, watergentiaan, moeraskruiskruid en veel zeldzaam bruin cypergras. Erg mooi.  Terug op ons pad langs de IJssel vinden we blauw glidkruid, zwarte mosterd, klein kruiskruid en op het strandje “staat” 1 liggende ganzerik in het zonnetje.

Rechts van het pad enorm veel reuzebalsemien in allerlei kleurschakeringen lila, roze tot wit. Mooi? Ja/Nee. Samen met o.a. de Japanse duizendknoop, reuzenberenklauw, Amerikaanse vogelkers en hemelboom zijn we deze dominante, invasieve exoot liever kwijt dan rijk.

Met het trekpontje steken we de Scherpenzeelse Hank over en lopen richting de N337. We komen nog heel mooi groot warkruid tegen, oranje springzaad (ook een exoot) en natuurlijk hertshoornweegbree langs de N337.

Er is nog tijd en energie om even de dijk over te steken en richting vogelkijkhut te lopen. Daar zit zowaar een visarend op ons te wachten op een paal in het water. Het ijsvogeltje laat zich helaas niet zien. Op de terugweg nog groot springzaad en al enkele paddenstoelen piepen boven de grond uit. De laatst genoteerde 228ste waarneming is een paarse dovenetel.

Met een voldaan gevoel sluiten we deze mooie dag af met een heerlijke pannenkoek.

Een wandeling door De Duursche Waarden is absoluut een aanrader.

Tekst: Ellen van Knippenberg

Foto’s: Gonny Sleurink

Bron: gebiedskaart Staatsbosbeheer / De Duursche Waarden – Parel van de IJssel

Comments are closed.